Cramant: mikpunt is wit

Cramant neemt samen met zijn buren Avize en Mesnil een bevoorrechte plaats in op het schaakbord van de Champagne. Het is de Meester van de Côtes des Blancs, een cru die zijn krachtige rondheid en zijn fruit weet te koppelen aan een minerale ondertoon. Een portret.

De enorme fles aan de ingang van het dorp neemt alle dubbelzinnigheid weg: hier wordt champagne gemaakt tot groot jolijt van alle liefhebbers van de ‘blanc des blancs’, want het is natuurlijk de chardonnay die hier de golvende wijngaarden bevolken.
Die golvende beweging karakteriseert eveneens Avize en het is trouwens bij het verlaten van dit buurdorpje dat dit het best tot uiting komt. Van op de weg die Cuis met Vertus verbindt ontdek je de wijngaarden van Cramant. Ze worden gedomineerd door een op de top gelegen heuveltje, het bos en de ondergaande zon. Het is trouwens een opeenvolging van longitudinale heuvels die net als vingers elkaar opvolgen om daarna minder scherp te worden en de vlakte te vervoegen. Rechts vormen de opgebonden stokken de grens met Avize; links, worden ze afgebakend door tal van woningen en in het midden illustreren ze ten volle de complexiteit van de Champagne met zijn variaties op het gebied van expositie en hoogteverschillen (hellingen die soms scherp maar soms ook uitgehold zijn). Al dat bubbelplezier speelt zich af op de flanken van de heuvel van Saran (237 meter) die eveneens met wijngaarden is bedekt: het onderste gedeelte bevindt zich op het grondgebied van Cramant, het hoogste gedeelte op dat van Chouilly. Trouwens, deze productie duikt op in de fles “Les vignes de Saran Chouilly Grand Cru” van Moët et Chandon.

Krijt voor een mooi schilderij

De benutte wijngaard is 345 ha groot, is gevoelig glooiend en telt slechts 17 are pinot meunier. Al de rest is natuurlijk weggelegd voor de chardonnay. 36% van de stokken zijn ouder dan 30 jaar, de ouderdomsdeken bestaat zelfs een eeuw. Het aantal percelen loopt op tot 3.160, goed voor meer dan 70 ‘lieux-dits’. Over verbrokkeling gesproken…!
Net zoals Avize maakt Cramant deel uit van de historische grands crus die in 1911 geklasseerd werden. Het is het bewijs dat geenszins aan haar potentieel dient getwijfeld te worden, maar toch zijn alle uithoeken niet gelijk op het vlak van de beoogde kwaliteit. En dat niettegenstaande de volledige wijngaard voor 100% geklasseerd werd. Tijdens een meeting die plaatsvond in het gezelschap van enkele wijnbouwers haalden ze een beknopte kaart van de wijngaard boven. In de realiteit bestaan er drie grote sectoren die bij elkaar aansluiten. Van west naar oost: de eerste is gesitueerd onder het bos, de geologische gesteldheid dateert uit het tertiair, het zijn bodems met meer leem, bodems die dieper zijn en af en toe te kampen hebben met kleine probleempjes op het vlak van een correcte rijpheid, maar die dan weer de zuurgraad ten goede komen; de tweede sector, onderaan de weg, is de golvende zone (40 cm aarde), hier we vinden we de goede percelen bestaande uit belemniet (fossielen van koppotige weekdieren); en dan is er nog de derde zone, die bevolkt is met mikrasters (stekelhuidig, zee-egels), en de vlakte vervoegt (15 tot 20 cm aarde): de wijnen hiervan zijn eerder gestoeld op finesse dan op kracht. Cramant behoort tot de “Côte de l’Ile de France” en kan genieten van de goede eigenschappen van het krijt uit de Campanien, een geologische etappe uit de Boven Krijtperiode (Eerste Secondair). De algemene oriëntatie is oost tot zuidoost getint, op enkele kleine nuances na. Zo zorgen het bos in het westen en de heuvel van Saran in het noorden voor een natuurlijke bescherming tegen de koude en vochtige luchtstroom.
We herinneren er even aan dat de aanplantdichtheid 7.600 stokken per ha bedraagt en dat de snoeiwijze “en chablis” wordt toegepast. Dat staat voor 4 gesteltakken met maximum 5 ogen. Net zoals in Mesnil (zie IVV 94) en daarbuiten dienen ook hier de wijnbouwers te vechten tegen de ontaarding van de wijnstok die veroorzaakt wordt door twee virussen, meegebracht door minuscule wormpjes (draadwormen).

Een stukje anonimiteit

Zonder wijngaarden zou Cramant met z’n duizend inwoners een gewoon dorpje zijn zonder veel geschiedenis. Een lokale brochure legt uit dat afkomst van de naam van het dorpje gestoeld is op twee hypothesen: of “Crominus” een Gallische voorvader, of een term die verband houdt met de situering van het dorp aan de voet van een hooggelegen terrein. De eerste schriftelijke sporen van de plaatsnaam gaan terug tot de 11e eeuw, in de rekeningenboeken van de Abdij Saint-Martin d’Epernay (innen van de tienden). Tot de Franse Revolutie zijn de wijngaarden in handen van tal van religieuze groeperingen. Belangrijk om aanstippen is dat Cramant officieel erkend wordt als bezitter van witte druiven in Champagne, meer specifiek door een akte die dateert uit de 16e eeuw. “Witte druiven” betekent nog niet noodzakelijk chardonnay en het is dan ook wachten tot de tweede helft van de 20e eeuw vooraleer alle ‘buitenlandse’ rassen gebannen worden en de chardonnay het koninkrijk voor zich alleen heeft.

Goed gelikte “beren”…

“Een arme Champagneboer wast z’n Mercedes … zelf”. In een periode dat de Champagneregio in z’n totaliteit de economische stilstand – die vooral andere Franse productieregio’s treft – heel kalm gadeslaat, loven de “beren” (‘Les Ours’, de bijnaam van de inwoners van Cramant) de hemel omdat ze hier geboren zijn in hun schuilplaats van de Côte des Blancs. Ze stellen zich niet louter tevreden met het produceren van chardonnay, integendeel, ze beoefenen hun activiteit – bij sommigen zelfs een heuse kunst – met veel passie op een grondgebied dat slechts een zakdoek groot is en deel uitmaakt van de “planeet Champagne”. Natuurlijk is ook hier de situatie niet altijd rooskleurig. De echte wijnbouwersgemeenschap kwam pas echt tot stand na enkele schuchtere pogingen op het eind van de 19e eeuw, meer bepaald in de jaren 1930 die gekenmerkt werden door een gigantische crisis zodat de handel zich verplicht zag terug te grijpen naar z’n traditionele bevoorrading. De eerste ‘pupitres’ maken hun intrede bij de particuliere wijnboeren die zich toeleggen op de productie van hun eigen champagne. Daar tegenover staan de coöperaties, die op hun beurt dan weer hevige voorstanders zijn van de collectieve structuren.
Vandaag telt Cramant 48 persen (118 récoltants-manipulants en handelaars). Kijk maar even naar de vele borden die de weg sieren om vast te stellen dat de handel eigenaar is van een niet te versmaden hoeveelheid wijngaarden (40% van de wijngaarden). De coöperatie van Saint Gybrien telt bijna 90 leden en produceert enkel champagne van chardonnay-druiven.

De stijl “Cramant”

Kan men makkelijk een stille of mousserende Cramant herkennen tussen de crus van de Côte des Blancs? Natuurlijk … tot op het moment dat ons vertrouwen ons in de steek laat en plaats maakt voor onzekerheid! Voor sommige wijnbouwers staan “Cramant en Avize voor dezelfde cru”. Dat is ongetwijfeld het geval voor sommige percelen maar naar mijn mening hebben de wijnen van Avize een surplus aan finesse, terwijl Cramant het eerder van z’n kracht en fruit moet hebben. Feit is dat het om de twee belangrijkste “witte” crus gaat die de merken heel nauwgezet inkuipen. Wanneer je de stille wijnen proeft dan merk je al heel snel welke voorname rol een grote Cramant in de blend speelt. Zijn osmotische eigenschappen, samen met de pinot noir uit het Montagne de Reims of uit de vallei van de Marne, springen bij sommige prestige cuvées zo uit het glas. En laten we ook niet de kracht van de chardonnay vergeten te vermelden die zorgt voor frisheid en voor de eeuwige verjonging van de wijn.

  • Champ. Bonnaire – www.champagne-bonnaire.com
  • Champ. Lilbert et Fils – www.champagne-lilbert.com
  • Champ. Petitjean-Pienne – http://www.champagnepetitjean-pienne.fr
  • Champ. Diebolt-Vallois – https://www.diebolt-vallois.com/fr
  • Veuve Clicquot – www.veuve-clicquot.fr
  • Nicolas Feuillatte – www.feuillatte.com
  • Mumm de Cramant – https://www.mumm.com
  • Dom. Larmandier-Bernier – www.larmandier.com

Dossiers IVV, klik hier

Geef een reactie