De grenache noir

30/07/2020 - Kleine voorstelling op niveau! Klassiek maar niet slecht om terug even naar de basis te gaan. Andere druivenrassen volgen.

Oorsprong : Spanje .
Synoniemen : garnacha, garnacho, iladoner, granaccia, alicante, roussillon tinto.
 

* Evolutie van de plant

– Bot in de gemiddelde periode uit.
– Bloeit ook in een gemiddeld normale (niet te vroeg) periode.
– Het verkleuren heeft tevens in een gemiddelde periode plaats.
– Rijpt ook in een medium periode.
 

* Verbouw- en teelteigenschappen.

– Krachtig weelderig groeiende rustieke plant met een regelmatige betrossing.
– Soms gevoelig aan een gebrekkige vruchting, wat “coulure” genoemd wordt.
– De plant biedt erg veel weerstand aan de droogte en past zich goed aan een arme bodem aan.
– Gevoelig voor magnesiumdeficiëntie in bodem.
– Deze druif ontwikkelt een hoog potentieel voor alcohol in de wijn.
– Een te hoge opbrengst zou de kleurconcentratie in de wijn doen afnemen in de wijn.
– Zeer gevoelig aan plantziekten en verdelgers : Bladziekte, valse meeldauw, bacteriële afbraak van het blad, grijsrot. Ook gevoelig voor schimmels, botrytis, zure rijping, zwammen en andere bedreigingen in de wijngaard.

* Technologische mogelijkheden.

De grenache is de enige druif die aangewend worden voor de rode likeurwijnen en van het VDN-type.
De wijnen zijn doorgaans goed gealcoholiseerd en hebben ze weinig zuur.
Geeft meestal goed gestructureerde en gekleurde likeurwijnen.
Doorgaans klassiek en met een traditionele weking of bekomen door de alcohol op de gehele druiven die in most vergisten.
In de wijn kan men in de jonge of vintage-achtige wijnen diepe aroma’s van rode en zwarte vruchten ontdekken, deze kunnen naar het oxidatieve type evolueren met tonen van gebrand en geroosterd (gekookte vruchten, oud hout, cacao…).

Voor meer “Portret”, klik hier 

Geef een reactie