Hoe verstandig is de geoorloofde bestrijding?

08/09/2020 - Gedurende nu al vijftig jaar beschermen wijnbouwers hun druivenlaars op chemische wijze. De oorzaak ligt in een periode waarin iedereen dacht dat hij allerlei uitheems en exotisch uit andere contreien maar moest meebrengen. Terwijl de ene hele tempels afbrak, bracht een andere aardappelplanten en druivenlaars mee. Helaas zaten er ook verstekelingen aan boord: meeldauw, valse meeldauw en black rot, alle drie met Amerikaanse roots. Het enige wat toen kon helpen was chemische bestrijding: eerst zwavel en daarna koper bleken efficiënt tegen meeldauw en valse meeldauw. En dat was nog maar een begin.

Industrialisering en ecosystemen gaan zelden hand in hand.

Het aanwenden van natuurvreemde producten halen de hele biotoop overhoop en effenen het terrein voor andere belagers. Het industrialiseren van de wijnbouw is zeker niet vreemd aan de toename van allerlei bedreigingen, met nog intensere bestrijdingen voor gevolg. De plant wordt door het hoge productieritme uitgeput en verzwakt. Dat zorgt er ook voor dat als maar landschap verdwijnt: “iedereen uit de weg, hier zijn wij….n!”. Bossen, struikgewas en andere fauna verdwijnen en met hen ook de natuurlijke vijanden van insecten en parasieten. Bovendien biedt mechanisatie van het wijnverbouwen de parasieten nog meer gelegenheid zich te nestellen in de vele scheurtjes van het afgeknapte plantmateriaal.
Men telt thans erg veel parasieten: engerlingen, eutypiose, coccinella, bladvlooien, bladluizen, cicadelliden, spinachtigen, nematoden, wielspinnen, cicadelles, thripsen of donderbeestjes, cochenilleluizen, draadwormen, bladrollers, enz, enz

Intraveneuze behandeling voor de wijnstok

In de jaren zeventig is de wetenschap meer dan vindingrijk en ontwikkelt een reeks systemische bestrijdingsmiddelen, die zich in de plant verspreiden en zeer efficiënt en betrouwbaar zijn. Gedaan met het besproeien van de buitenkant van de plant.
De scheikundigen zijn in hun nopjes. Nog lang voor de uitvinding van shampoos en andere wasmiddelen, stellen ze verdelgingsmiddelen en insecticiden op punt met een dubbele, driedubbele, zelfs vierdubbele werking.
De overbelasting van de plant is verontrustend. Zij wordt aan de buitenzijde en in de opperhuid met een waas van pesticiden bedekt. Het kan vergeleken worden met iemand die zich het gehele jaar door zou immuniseren door voortdurend pilletjes tegen hoofdpijn, buikgriep, keelpijn en andere aandoeningen te slikken. Je weet maar nooit….
Aan het einde van de twintigste eeuw is het voor de wijnboer, en de landbouwer in het algemeen, nog maar moeilijk zijn ambachtelijk imago hoog te houden.

Het is zo erg dat niemand het nog gelooft.

De niets onziende uitbuiting van de wijngaarden vervormen het metabolisme van de plant zodanig dat de weerbaarheid verzwakt en zijn overlevingskans verkleint. Maar die overdreven exploitatie raakt nog twee andere heikele punten: de restanten van pesticiden die in de wijn blijven en ook in de natuur, met pollutie als gevolg.
Aanhangers van bio-cultuur of simpelweg van een respectvolle wijnbouw hebben allang ingezien welke gevaren die de waanzinnige productie inhoudt en die daarenboven ook hun vaardigheden in vraag stelt. Toch telt de wijnbouw nog niet veel bio-freaks. En dat is zeker de fout niet van de gewetensstrijders à la Greenpeace, Slow Food, José Bové of anderen. Het ontbreekt hen niet aan initiatieven. En toch is er bij de grote massa wijnbouwers, in de ruimste betekenis van het woord, geen belangstelling voor de bedreigingen van de agro-industrie. Zonder een mediatieke belangstelling voor een voorval uit een totaal andere hoek, met enorme economische en politieke gevolgen, zou hun strijd een stille dood gestorven zijn.

De druppel die de zee deed overlopen.

Het kon niet uitblijven en vandaag zijn we meer dan op onze wenken bediend. Er was die eerste dolle koe en de wagen ging aan het rollen met een supersonische snelheid. Ook de politieke wereld deelde in de klappen. Het spektakel is huiveringwekkend en extreme overdrijvingen zijn niet van de lucht. Opvallend is ook dat de consument, en dat is nieuw, bestraffend reageert: bio-producten maken gouden zaken.

Het overkomt alleen de anderen

De landbouwsector voelt zich betrokken voor hetgeen is voorgevallen en met rede: men kan zich maar moeilijk onschuldig voordoen als men tegelijkertijd één van de grootste vervuilers is van de meeste waterlopen. De wijnbranche reageert en organiseert zich voor het geval er zich iets dergelijks bij hen zou voordoen. Bij die gelegenheid kijken zij wat enkelen onder hen doen en al altijd gedaan hebben, met name biologische bestrijden en ook geïntegreerd bestrijden (vanaf 1977).

Geruststellen, kalmeren en de gemoederen bedaren.

Maar al dat biologisch gedoe staat nog ver van hun bed. Voor de industrie is het van kapitaal belang eerst de gemoederen te bedaren, terwijl het geld toch nog blijft rollen. Daar hoort voorlichting bij. De reclameboys weten wat hun te doen staat. Al dertig jaar houden ze ons voor hoe de grote industriële groepen zich inzetten voor het natuurbehoud. De landbouwindustrie neemt initiatieven, zeggen ze. Alhoewel het opgewarmde kost is, werkt het. Wat dacht u van deze: “het geleidelijke terugdringen van de chemische bestrijding ten voordele van de biologische” of de GEOORLOOFDE BESTRIJDING.

Maak er vooral niet te veel woorden aan vuil…

“Geoorloofde strijd”, met die twee woorden sust men zijn geweten in slaap. Terwijl zij het treintje van de economisch belangen rustig laten voorthobbelen. Twee holle woorden zo uit de retoriek geplukt die zelfs in de besluiten van het ministerie van landbouw een officieel karakter kregen: “een benaderingfase van de geoorloofde strijd, bestaande uit een progressief terugdringen van het chemische bestrijden, dankzij het gebruik maken van wat economisch toelaatbaar is van een veroorloofd gebruik van specifieke behandelingen of bestrijdingsmiddelen met een lage polyvalentie.” Een mond vol, dus…

Benaderingsfase” en “progressief terugdringen” leest men. Hier geven zij toe dat zij er nog niet zijn en blijkbaar zullen zij zich ook niet haasten om er te geraken.
van wat economisch toelaatbaar is” wat bedoelen zij daar nu mee? Welnu beste, tolerantie is de ruime marge tussen teveel en net niet te weinig chemisch product.
“veroorloofd gebruik” da’s nagaan of men voor de bestrijding het juiste product gebruikt, dat men de dosering van het product precies opvolgt en de verpakking niet in de sloot kiepert (dat is wat er letterlijk staat in de hieronder vermelde één van de humeurig klaagbriefjes)
De geoorloofde bestrijding wilt de geïntegreerde bestrijding voorgaan, alhoewel dat maar moeilijk aanvaardbaar is als men de omschrijving van die laatste leest: “bestrijdingssysteem dat rekening houdt met het milieu, daarbij allerlei technieken en methodes aanwendt om de evolutie van schadelijke organismen op een zodanig laag niveau te houden, dat geen economische schade kan berokkend worden.”

Het verschil is dat de geïntegreerde bestrijding een populatie in een bepaalde biotoop laat overleven, zelfs parasieten, en de geoorloofde bestrijding in de eerste plaats de landbouw economisch laat overleven.

De agro-industrie is almachtig en zal het blijven.

Proloog

De geoorloofde bestrijding, in de werkelijke zin van het woord, is een filosofie die dicht aanleunt bij een geïntegreerde bestrijding of zelfs een biologische bestrijding. Vele wijnbouwers vergelijken hun bestrijdingsmethoden al lang op die manier, zonder zich bij één of ander kamp aan te sluiten. Maar een geoorloofde bestrijding naar economische normen  evolueert nu eenmaal tot een zogenaamd respectabel kwaliteitsmerk en wordt dan onvermijdelijk misbruikt. De reden ligt voor de hand. Als men eenvoudig de gebruiksaanwijzing, die op de verpakking staat, volgt, is dat blijkbaar al voldoende om als milieubeschermer erkend te worden. Wel als het zo zit, dan zijn wij, zonder het te weten, nu al met vier miljard ecologen.

Humeurige klaagbriefjes

Geoorloofde bestrijding: handleiding

Het is vrij eenvoudig. Sinds tientallen jaren plakt de industrie de handleiding met dosering en gebruiksaanwijzing op de verpakking. Maar er is echter niemand die de etiketten leest. Dat kan men zo afleiden als men de aanbevelingen voor een geoorloofde bestrijding leest:

De gedachtegang van de bestrijding

  • Lees aandachtig het etiket van het product (zoals “read.me”, je weet wel)
  • Gebruik uitsluitend gehomologeerde producten voor elk specifieke toepassing
  • Overschrijd de gehomologeerde dosis niet
  • Het is verboden verschillende producten te mengen (de kans voor ongekende chemische reacties is groot)
  • Vermijd systematische bestrijding die geen rekening houden met de moment van toepassing, de hoeveelheid schadelijke organismen en klimatologische omstandigheden.
  • Bepaal de soort bestrijding pas na identificatie van de aard van de bedreiging
  • Geef voorkeur aan de geïntegreerde bestrijding, die chemische bestrijding en biologische krachten koppelt
  • Controleer, vooraleer te besproeien, de werking van het sproeitoestel (lekken, staat van de buizen en andere leidingen…)
  • Gebruik slechts de hoeveelheid nodig voor de te behandelen oppervlakte en hou U aan de gehomologeerde dosis
  • Vul het sproeitoestel niet in de nabijheid van watervoorzieningspunten
  • Niet bestrijden  bij sterke wind of indien regen werd voorspeld.
  • Vermijd bestrijding in de nabijheid van waterlopen (rivieren, grachten, waterputten…)
  • Reinig en ledig de kuip niet in een waterloop, laat bij het reinigen het spoelwater ook niet in een gracht of vijver lopen, zeker niet op de straat of in een put en uiteraard ook niet in de riool.
  • De verpakking dient goed gereinigd te worden en bij het huishoudvuil gezet.

No Comment!

Werktuigen voor een geoorloofde bestrijding van parasieten

De werkelijke geoorloofde strijd zonder hoofdletters onderscheidt zich duidelijk  van de massa-wijnbouw. Zij wordt anders aangewend: perceel per perceel en naargelang de noden. Het is een individuele benadering, ver van de collectieve acties.

Daarvoor zijn nieuwe hefbomen als werktuigen nodig en moet men er zich geestelijk anders op voorbereiden. Weg met het lijstje van werkzaamheden dat moet afgehaspeld worden. Observeren luidt de boodschap. En dat op drie vlakken. Eerst moet de evolutie van de plant gevolgd worden, dan de ontwikkeling van de belagers na en hou daarna, maar niet in het minste, rekening met wat zich in vorige jaren afspeelde. Zoals de gemiddelde klimaatsomstandigheden en hoe parasieten zich in vorige jaren in éénzelfde perceel ontwikkelden.
De kunst bestaat erin te raden en eventueel te anticiperen van wat er zich zou kunnen voordoen. Ofwel gebeurt er niets en is de oogst safe: dus geen bestrijding en dat is winst. Ofwel wordt de oogst toch belaagd en kan er onmiddellijk gereageerd worden, waardoor de hoeveelheid de bestrijdingsproducten beperkt blijft, want anders verhoogt dat het verlies.

Precisie en verzamelen van meteorologische info

Het verzamelen van precieze meteorologische gegevens, perceel per perceel, is van kapitaal belang in de geoorloofde bestrijding.

Temperatuur, neerslag en vochtmeting geven een precies beeld van de plaatselijke situatie. Deze omstandigheden beïnvloeden de groei van de plant maar ook van de belagers. Het is vrij simpel: het metabolisme van de wijnplant en ook van de parasieten wordt als het ware door eenvoudige factoren geregeld: de som van de gemiddelde dagtemperaturen, het aantal uren zonneschijn, het invochten en de vochtigheidsgraad.

Toelichtingen en interpretatie

Voor de meest bedreigingen werden evolutiemodellen van het “parasietengevaar” opgesteld. De wijnboer moet slechts zijn waarnemingen toetsen aan die gegevens, van waaruit hij kan afleiden of het perceel al of niet gevaar loopt. Om de interpretatie van de resultaten nog betrouwbaarder te maken, worden de schema’s getoetst aan de specifieke lokale toestanden. Het verfijnen van die modellen kan op regionaal vlak door uitwisseling van gegevens van de wijnboer, dikwijls door een laboratorium gecentraliseerd, met deze van een coöperatie en eventueel het lokale wijnbouwerssyndicaat.

Veel voorkomende parasieten

Spinachtigen en rode spinnen

De beschadiging die spinachtigen aanbrengen hangt af van de weelderigheid van de plant, maar de vegetale cyclus van de plant komt pas op gang bij een temperatuur van boven de 10°C. Door het aantal graden boven 10°C op te tellen, verkrijgt de wijnboer inzicht in de ontwikkeling van de wijnplant. Als deze som hoog is, ontwikkelt de plant intens en is er weinig risico voor spinachtigen. Als de som daarentegen niet te hoog is, groeit de plant trager en kan die ontwikkeling door spinachtigen sterk verstoord worden.

Vlinderachtigen


In de druivenlaars plaatst men valstrikjes voor de vlinders. Omdat er een zekere temperatuur gedurende enige tijd moet heersen voor een optimale ontwikkeling van de vlinders, gaat de wijnboer die pas tellen als een bepaalde som van temperaturen bereikt is. Zo kan hij een precies inzicht krijgen in de belangrijkheid van de vlinderpopulatie en het risico voor gevaar inschatten.

Botrytis


Serge Strizyck heeft een model op punt gezet dat onder de naam EPI gekend is. Dit model, uitgedrukt in coëfficiënten, wordt berekent in functie van de temperatuur, het invochtigen en de vegetatieve cyclus van de druivenlaar, gaande van het uitbotten tot het oogsten. Naargelang het ontwikkelingsstadium van de plant is de EPI-aanduiding verschillend en kunnen de keuzes leiden tot nuttige, soms onnuttige, en/of preventieve bestrijdingen.

Mildiou


Het risico op valse meeldauw werd door Müller en Karst precies in kaart gebracht. Het principe houdt rekening met de som van de gemiddelde dagtemperaturen boven de 8°C en stelt dat de valse meeldauw pas zal toeslaan als die som meer dan 170°C is; het ten minste 11°C warm is; er meer dan 10 mm neerslag valt en men gedurende ten minste enkele uren invochtiging vaststelt.

Oidium of meeldauw


Karst heeft ook een groeimodel voor de meeldauw ontwikkelt dat de rekening houdt met de antecedenten van het perceel. Het model houdt inderdaad rekening met de meeldauw-ontwikkeling in het vorige jaar, alsook met het gemiddelde van de lage temperaturen tijdens de winter. Dit model berekent de kans op besmetting, in functie van de temperatuur, de vochtigheid en de invochtigingstijd.

Black-Rot


Black-Rot is een schimmel die in dezelfde klimatologische omstandígheden als de valse meeldauw groeit. Hij ontwikkelt zich als de som van de gemiddelde dagtemperaturen boven de 8°C hoger is dan 150°C.

Dossiers IVV, klik hier

Geef een reactie