Toen wijntoerisme en nazisme met elkaar verbonden waren

Het is een historisch feit : de eerste wijnroute ter wereld – de Deutsche Weinstrasse – was het werk van de nazi’s. 

In 1935, naar aanleiding van de overproductie in 1934, maar ook door het verbod dat Joodse handelaars kregen om nog verder handel te drijven, zat de wijnverkoop in de regio Pfalz en omstreken compleet in het slop.
Zo besloot Josef Bürckel, de nieuwe regionale gauleiter van de nazi’s, om de wijnverkoop nieuw leven in te blazen door een directe verkoop vanaf het wijndomein te stimuleren.
Om het contact te vergemakkelijken tussen wijnbouwers en potentiële klanten, waarvan sommigen over vervoer beschikten, richtte hij de Deutsche Weinstrasse op.

Deze route werd officieel ingehuldigd in oktober 1935, gelegen tegen de Franse grens (in Schweingen-Rechtenbach, nabij Wissembourg) en Bockhenheim-an-der-Weinstrasse in het noorden. Nogal wat gemeenten die op het traject lagen (85 km), voegden aan de naam van hun gemeente vaak spontaan ‘an-der-Weinstrasse’ toe.
Om deze wijnroute en de praal van het nazisme te benadrukken, en ongetwijfeld ook om buurman Frankrijk te hekelen, liet Bürckel zelfs een Deutsches Weintor bouwen, een monumentale poort in roze zandsteen die te zien is vanaf de Elzas.
Ter herinnering : voor de eerste wijnroute in Frankrijk, het land van de wijn, moet er tot 1953 gewacht worden, te vinden in de Elzas.

Nog een groot verschil: de Deutsche Weinstrasse is niet enkel een traject, een bewegwijzering, maar een echte weg, waarvan bepaalde delen speciaal werden gemaakt om sommige dorpen die niet centraal in het massief van de Haardt lagen met elkaar te verbinden.

Buitensporig ? Niet zozeer, omdat toerisme een grote prioriteit van het nazisme was. Niet alleen konden ze zo een massa volk en hele families tijdens hun uitstapjes bereiken, maar ook het ‘nieuwe’ patrimonium tonen en de Duitse natuur meer in de verf zetten, twee zaken binnen het regime waar ze ontzettend trots op waren.

In Vino Veritas

‘De waarheid zit in de wijn’, oreerde de gauleiter tijdens zijn openingsspeech van de wijnroute, maar hij gaf daar nog een speciale draai aan: ‘wijn, dat is het bloed, en bloed is ras’.
Maar was het wijntoerisme naar model van de nazi’s een succes?
Dat antwoord moet genuanceerd worden.

Door de betere toegankelijkheid en de bezoekers die de regio en de wijndomeinen ontvingen, steeg inderdaad de verkoop van de wijnen. Eveneens kon de overproductie van de jaren 1934 en 1935 weggewerkt worden, getuige de cijfers.
Maar er moet ook rekening gehouden worden met andere factoren. Met name de heropleving van de Duitse economie in zijn geheel, aangetrokken door de grote werken, de herbewapening, en andere projecten gefinancierd door leningen. De wijnmarkt ging er sterk op vooruit, zoveel is zeker, maar niet alleen in de regio Pfalz. Wat vooral opviel was de daling van de werkloosheid en het (relatief) rijker worden van de Duitsers in het algemeen, waarvan de levensstandaard sterk gedaald was na de crisis van 1929.
Anderzijds moet er niet alleen gefocust worden op de initiatieven van de nazi’s, er waren er wel meer. Nog vóór de bouw van de wijnroute waren er reeds privé-initiatieven om de wijnstreek van de Pfalz aantrekkelijker te maken en meer toeristen te ontvangen, zoals de bouw in Bad Dürkheim van het Riesenfass: een immens vat van 17.000 hl, niet om wijn in te doen maar om een restaurant in onder te brengen. Met een capaciteit van meer dan 400 personen betekende dit vat meer dan een toeristische uitdaging voor de streek.

Daarnaast waren er ook de lokale feesten (wijnfeesten, maar ook worstenfeesten, een oud gebruik dat de Pfalz geërfd had van toen deze streek bij Beieren hoorde), tal van evenementen die, overgoten met het sausje van een totalitaire staat, bijdroegen om van deze wijnroute een echte toeristische trekpleister te maken. Ook de Kraft durch Freude-beweging (Kracht door Vreugde) die vanaf 1934 goede arbeidsprestaties van de Duitsers beloonde met betaalde uitstapjes en vakanties, was eveneens een doorslaggevend element. Zo steeg van 1934 tot 1938 het aantal Duitse vakantiegangers van 3 naar 10 miljoen.

De adelaar is nog steeds aanwezig

Eén ding is zeker : met de Deutsche Weinstrasse was Duitsland een voorloper op het domein van wijntoerisme.
De geërfde infrastructuur van Josef Bürckel bestaat vandaag nog steeds. En op de Deutsche Weintor in Schweigen is de Duitse adelaar nog steeds aanwezig. Enkel het hakenkruis dat hij tussen zijn klauwen hield is weg.

Wat modelnazi Josef Bürckel betreft, die werd gouverneur van heel Westland (de regio die Pfalz, Saarland en het voormalige departement van de Moezel verenigde) en stierf nadien in duistere omstandigheden (zelfmoord of executie) nadat hij vervroegd met pensioen gestuurd werd als hoofd van de Festung Metz in september 1944.
Maar laat dit alles geen reden zijn om deze mooie regio met zijn boeiende wijnen niet te bezoeken …

Hervé Lalau

Geef een reactie